Jaarverslag 2016

Beleid lokale heffingen

Lokale heffingen betreffen zowel publiek- als de privaatrechtelijke heffingen. De publiekrechtelijke heffingen worden onderscheiden naar belastingen en rechten:

  • Belastingen: de opbrengsten van belastingen komen toe aan de algemene middelen en kunnen vrij worden besteed. Dit zijn onder meer de onroerendezaakbelasting (OZB), de logiesbelasting en de hondenbelasting. Het criterium kostendekkendheid is hier niet aan de orde;
  • Rechten: een recht is een vergoeding voor een concrete prestatie door de gemeente geleverd. De opbrengst van de rechten is niet vrij besteedbaar: de opbrengsten moeten aangewend worden voor de gerelateerde prestaties. Voorbeelden zijn de afvalstoffenheffing, rioolheffing en de leges burgerzaken. Hier geldt een wettelijke norm van maximaal 100% kostendekkendheid.

De privaatrechtelijke heffingen hebben betrekking op tarieven voor economische activiteiten die verricht worden in het algemeen belang.

In de jaarlijkse Tarievennota wordt een toelichting gegeven op de ontwikkeling van de gemiddelde jaarlijkse woonlasten. De woonlasten is een optelling van de OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing voor een gemiddeld (tweepersoons)huishouden.

Op grond van de Financiële verordening gemeente Groningen 2013 moet om de vier jaar een tarievenonderzoek plaatsvinden en wordt de kostendekkendheid van de publiek- en privaatrechtelijke tarieven doorgelicht en aan de gemeenteraad gerapporteerd. Daarbij wordt de gewenste mate van kostendekkendheid opnieuw bepaald.

Beleid publiekrechtelijke heffingen
Hieronder geven we een beknopte uiteenzetting van het gemeentelijke beleid met betrekking tot de publiekrechtelijke tarieven.

Kwijtscheldingsbeleid
Met het hanteren van een kwijtscheldingsregeling geeft de gemeente een deel van zijn burgers de mogelijkheid om voor een lager tarief in aanmerking te komen. De ruimte om een eigen gemeentelijk kwijtscheldingsbeleid te voeren is beperkt. De criteria waaraan kwijtscheldingsverzoeken getoetst worden, zijn op rijksniveau vastgesteld. We mogen wel zelf bepalen voor welke belastingen en heffingen we kwijtschelding verlenen en welk deel van de belastingaanslag of heffing we kwijtschelden. We verlenen kwijtschelding voor:

  • Hondenbelasting, alleen voor de eerste hond en tot 60%;
  • Afvalstoffenheffing. Mensen die vijf jaar of langer op het sociale minimum zitten, krijgen volledige kwijtschelding van de afvalstoffenheffing. De andere kwijtscheldingsgerechtigden krijgen 57% van het aanslagbedrag kwijtgescholden;
  • Leges gehandicaptenparkeerplaats en -kaart en huwelijksleges (volledig).

Onroerendezaakbelasting
De onroerendezaakbelasting is de belangrijkste gemeentelijke belasting, niet alleen qua omvang, maar ook omdat de opbrengst tot de algemene middelen behoort en dus naar eigen inzicht besteed kan worden. De belangrijkste functie is het genereren van inkomsten. De hoogte van een aanslag is afhankelijk van de waarde van een pand en van de door de raad vastgestelde tarieven. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de heffing voor eigenaren van woningen, eigenaren van niet-woningen en gebruikers van niet-woningen. De waarde van de woningen en bedrijven in de stad wordt ieder jaar opnieuw bepaald.

Afvalstoffenheffing
De afvalstoffenheffing wordt als bestemmingsheffing aangemerkt, omdat de opbrengst niet naar de algemene middelen vloeit, maar dient ter dekking van de kosten van afvalinzameling en -verwerking. Het uitgangspunt is dat deze kosten inclusief de kosten van kwijtscheldingen volledig gedekt worden uit de opbrengst van de afvalstoffenheffing. Het aantal bewoners van een woning bepaalt de hoogte van het tarief. Er wordt gedifferentieerd naar vier categorieën, namelijk eenpersoonshuishoudens, tweepersoonshuishoudens, huishoudens van drie tot en met zeven personen en huishoudens van acht personen of meer. Hiermee wordt invulling gegeven aan het principe ‘de vervuiler betaalt’. De tariefdifferentiatie heeft dus niet gedragsbeïnvloeding ten doel, de belangrijkste functie is het genereren van inkomsten om de voorziening mogelijk te maken.

Rioolheffing
De kosten voor het beheren en in stand houden van het rioolstelsel worden door een heffing verhaald. Gemeenten hebben naast de zorgplicht voor stedelijk afvalwater en hemelwater ook de zorgplicht voor grondwater. De opbrengst van de rioolheffing, met als uitgangspunt 100% kostendekkendheid, is geoormerkt. De belangrijkste functie is dus het genereren van inkomsten om de voorziening mogelijk te maken. De rioolheffing kan zowel van de eigenaar (aansluitrecht) als van de gebruiker (afvoerrecht) worden geheven. Wij kennen alleen het aansluitrecht, waarbij een vast bedrag per aansluiting in rekening wordt gebracht.

Bouwleges
Bouwleges worden geheven om de kosten van het proces van bouwvergunningverlening te dekken. De belangrijkste functie is dus het genereren van inkomsten om de voorziening mogelijk te maken. Het tarief wordt bepaald door de hoogte van de bouwkosten (aanneemsom exclusief BTW). Ook voor de bouwleges is ons beleid een kostendekkendheid van 100%. Een complicatie daarbij is dat door een wisselende omvang van de bouwprojecten de opbrengst van jaar tot jaar sterk kan fluctueren. Verder is vooraf moeilijk te schatten hoeveel de opbrengst in enig jaar zal bedragen. Om risico’s van tegenvallende inkomsten zoveel mogelijk uit te sluiten is in 2001 een bestemmingsreserve bouwleges ingesteld.

Parkeergelden publiekrechtelijk deel
Het publiekrechtelijk deel wordt ook wel parkeerbelasting genoemd en daaronder vallen de tarieven voor het parkeren bij parkeermeters en parkeerautomaten, de boetes voor het rood staan bij parkeermeters en parkeerautomaten, de kosten van het (gratis) fiets parkeren en de tarieven voor parkeervergunningen. Voor de publiekrechtelijke parkeergelden (parkeerbelasting) is de doelstelling van regulering expliciet in de wet vastgelegd. In de tariefstelling mag onderscheid gemaakt worden naar parkeerduur (kort/lang), het moment waarop wordt geparkeerd (dag/avond/weekend), het gebied waar wordt geparkeerd en het type vergunning. In Groningen maken we gebruik van de toegestane differentiatiemogelijkheden. We sturen zowel met tarieven, de duur van parkeren als met de beschikbaarheid van parkeerplaatsen.

Beleid privaatrechtelijke heffingen
Hieronder geven we een beknopte uiteenzetting van het gemeentelijke beleid met betrekking tot de privaatrechtelijke tarieven.

Privaatrechtelijke tarieven
In Groningen maken we onderscheid tussen algemene tarieven die vooraf zijn bepaald en voor iedere afnemer gelden en commerciële tarieven. Bij de laatste opereert de gemeente als marktpartij in een concurrerende omgeving. Medio 2014 is de Wet Markt en Overheid in werking getreden. Op grond van deze wet moeten we voor onze producten en diensten de integrale kostprijs in rekening brengen. Daarnaast heeft de gemeente voor een aantal producten zelf een beleid voor kostendekkendheid.

Parkeergelden privaatrechtelijk
Onder het privaatrechtelijk deel vallen de tarieven voor parkeergarages en buurtstallingen. Het uitgangspunt is dat het in totaal (samen met het publiekrechtelijk deel) kostendekkend is.